Leven en werk

Anna-Terruwe2Zoals dat met waarlijk opmerkelijke mensen gaat, is Anna Terruwe niet gemakkelijk onder één noemer te vangen. Ze was een zelfstandige vrouw in een mannenwereld, een gedreven wetenschapper, een traditioneel rooms-katholiek en een vernieuwend psychiater. Ze was even dankbaar voor wat ze mocht ontdekken als overtuigd van haar rol en taak om mensen tot heil te brengen.

Opleiding en vorming Anna Alberdina Antoinette Terruwe werd op 19 augustus 1911 geboren in Vierlingsbeek. Ze groeide met haar twee jaar jongere broer Johannes op in een rooms-katholiek middenstandsgezin. In 1921 verhuisde het gezin naar Deurne. Anna volgde het gymnasium in Eindhoven en studeerde geneeskunde en psychiatrie in Utrecht. In 1945 vestigde zij zich als specialist in ‘zenuw- en zielsziekten’ in Nijmegen. Ze richtte zich op een destijds vrij nieuwe groep: de zogenoemde ‘zenuwlijders’ die niet in een inrichting hoefden, en als geneeslijk werden gezien. Terruwe promoveerde in 1949 in Leiden op een studie met de titel De neurose in het licht van de rationeele psychologie. Terruwe wilde een brug slaan tussen de freudiaanse theorie en het denken van de Middeleeuwse kerkleraar Thomas van Aquino. Ze was daartoe geïnspireerd door de moraaltheoloog en pater redemptorist Willem Duynstee, met wie ze nauwe contacten onderhield. Feitelijk plaatste ze zichzelf tussen de psychiatrie en de zielzorg in.

Frustratieneurose Terruwe wilde een theoretisch én een praktisch antwoord vinden op het groeiende aantal katholieke neurotici, veelal veroorzaakt door het klimaat van angst en krampachtigheid rondom seksualiteit. De psychoanalyse werd in katholieke kring echter sterk gewantrouwd. Volgens Freud ontstonden neuroses door verdringing van lustvolle gevoelens op grond van de moraal. Terruwe en Duynstee stelden dat neuroses ontstaan door verdringing van het ene gevoel (bijvoorbeeld lust) door een ander (bijvoorbeeld angst). In een therapie kunnen verdrongen gevoelens zichtbaar gemaakt worden, waardoor het verstand en de vrije wil weer de regie in een mens kunnen voeren.

foto_Anna_TerruweWeerstand in de kerk Terruwe riep weerstand op in de rooms-katholieke kerk. Ze was een leek én een vrouw in een door priesters beheerste wereld. Ze durfde hardop te zeggen dat de zielzorg van priesters soms ondersteund moet worden door psychiatrische zorg. Ook deden verhalen de ronde dat zij religieuzen, priesters en priesterstudenten aanmoedigde om te masturberen. Een onderzoek door moraaltheologen in 1950 leidde tot de conclusie dat zij ‘rechtzinnig in de leer en voorzichtig in de praktijk was’, maar dat was niet het einde van de controverse. In november 1956 schreef het Heilig Officie (tegenwoordig Congregatie voor de Geloofsleer geheten) een kritisch stuk over de psychotherapie van katholieke zenuwartsen. Mannelijke geestelijken werd verboden zich door vrouwelijke psychiaters te laten behandelen …

Rehabilitatie Terruwe verzette zich, want ze was ervan overtuigd dat ze altijd in overeenstemming met de katholieke leer gewerkt had. In 1964 schreef ze Opening van zaken, bedoeld voor een kleine kring betrokkenen. Het boekje kwam echter ook bij journalisten terecht en er ontstond een storm van kritiek op het Vaticaan. Kardinaal Alfrink stond positief tegenover Terruwe en wendde zijn invloed in Rome aan. Terruwe werd in 1965 officieel gerehabiliteerd. In 1969 werd ze door paus Paulus VI officieel ontvangen, maar ze had naar verluidt al eerder contact met hem. Terruwe bleek niet bepaald de vernieuwingsgezinde katholiek waar critici van Rome haar vanwege de controverse voor gehouden hadden.

Anna_Terruwe-4Roem De grootste bekendheid verwierf Terruwe vanaf het begin van de jaren zeventig met haar bevestigingsleer. Deze vloeide voort uit haar publicatie De frustratieneurose uit 1962. Daarin stelde zij dat, wanneer een kind wordt gefrustreerd in zijn natuurlijke verlangen naar bescherming en tederheid, naar ‘bevestiging van zijn bestaan’, er in het gevoelsleven fundamentele onrust, onzekerheid en onbevredigdheid kunnen ontstaan. Therapie is dan gericht op het herstellen van de bevestiging. In 1972 publiceerde Terruwe Geef mij je hand…, waarin ze fundamentele kritiek leverde op de westerse consumptiemaatschappij. Ze vond dat de westerse cultuur te veel in het teken van onmiddellijke behoeftebevrediging stond. Mensen werden verwend geraakt en bleven daardoor psychisch gesloten voor anderen. Terruwe kreeg nationaal en internationaal veel aandacht. Ze trok volle zalen met haar lezingen, die ook op grammofoonplaat en geluidscassettes te verkrijgen waren. In de Verenigde Staten werd het House of Affirmation opgericht.

beeld_deurneWaardering In 1982 trok Terruwe terug naar Deurne, naar haar ouderlijk huis, waar ze tot haar dood op 18 april 2004 bleef wonen en werken. Haar laatste boek, Healing the unaffirmed, verscheen in 2002, toen ze al negentig jaar was. Anna Terruwe riep sterke reacties op, door haar eigenzinnige keuzes en haar charismatische persoonlijkheid. Sommigen beschouwden haar als een goeroe, anderen moesten niets van haar hebben. Wat blijft is haar pleidooi voor wederkerigheid in de zorg en haar gedrevenheid om zorg voor psyche en ziel met elkaar te verbinden. Ook jaren na haar overlijden blijft dat inspirerend en uitdagend.

Zie verder onder meer dit artikel in het Biografisch Woordenboek van Gelderland. Het beeld hiernaast, een verbeelding van bevestiging, staat sinds 2011 op het Anna Terruweplein in Deurne.